Als u nu denkt dat ik het bloggen beu ben dan zit u er volledig naast. Er gaat geen dag voorbij of ik sta op met het vaste voornemen en het prettige vooruitzicht vandaag toch echt iets te "placeren". Maar er is zo veel te doen, te zien, te beleven, en dat is allemaal zo ongelooflijk interessant en niet te missen dat het schrijven erbij inschiet.
En alhoewel het nog lang geen Nieuw Jaar is maak ik nu al het goede voornemen sommige van mijn spannende belevenissen iets vaker aan mijn blog toe te vertrouwen. Alhoewel dat spannend en interessant en niet te missen vooral in the eye of the beholder is vrees ik.
Ondertussen weet ik wél dat het Opgezette Hondje nog steeds op hetzelfde adres woont. Ik belde zekere dag heel stoutmoedig gewoon aan en vroeg aan zijn Madam hoe het met hem ging.
Bleek dat Hondje schrikbarend snel bleekte.
Om zijn teint te behouden moest Hondje naar de schoorsteenmantel verhuizen, ver van het raam en het zonlicht.
Taxidermisten aller landen, verenigt u en kom naar De Bedenkers met een antiverkleurspray! En rap een beetje!
Ik wil gerust zelf blijven kliederen met afbrokkelende speculaas in m'n koffie en m'n onderbroek trek ik nog wel een paar jaar geheel zelfstandig aan als ik daarmee dode dieren van een donkere toekomst op de schouw kan redden.
zondag, november 25, 2007
zaterdag, oktober 13, 2007
Fan voor het leven

De beste uitvinding ooit wat openbare instellingen betreft is volgens mij de bib. Ik ben al een eeuwigheid lid, van toen er vooraan in elk boek nog beduimelde kaartjes zaten waarop de datum werd gestempeld die aangaf wanneer je ze weer moest inleveren. Zo'n stempel die de mensen van de uitleenbalie dagelijks via draaien en wringen moesten aanpassen en middels een groot kussen van inkt voorzien. "Tsjak tsjak!"
In die tijd heerste er in de bibliotheek nog een sacrale stilte, waardoor ik automatisch fluisterde, op mijn tenen liep en de boeken voorzichtig uit de propvolle rekken wurmde.
Er stonden grote fichebakken waar je - als je begiftigd was met inzicht in ingewikkelde classeringssystemen - vanalles kon opzoeken op getypte kaarten. Niks voor mij dus.
Ik zag mijn eigenste bibliotheek evolueren van een donkere, stoffige tempel met saaie leeszalen naar een moderne, kleurige ruimte met zitzakken en computers. Via de pc - zelfs via die van mij thuis in m'n woonkamer - vind ik met enkele tikken wat ik wil.
En het ongelooflijke is dat ze bijna alles hebben wat ik ook maar zou kùnnen willen.
Heb ik een muis die ik niet gevangen krijg, dan vind ik daar een slimme tip van onze of een buitenlandse tante Kaat.
Heb ik na mijn bezoek aan Barcelona de onbedwingbare drang zelf een mozaïek te maken, dan kan ik boeken over Gaudi meenemen, meer dan ik kan dragen.
Wil ik na het lezen van een artikel alles weten over Bonny Prince Charles en de slag bij Culloden, geen probleem.
Kilo's chicklit heb ik er al meegesleept, lang voordat het fashionable was het zo te noemen.
Zoek ik een recept van pangasiusfilet, een patroon van patchworkdekens, de juiste verftechniek, het antwoord op mijn opvoedingsvragen, een lekker restaurant in Amsterdam, een cursus Russisch voor beginners : één adres...mijn beminde bib.
Browsen op het internet kan nog steeds niet tippen aan het omslaan van de blinkende kleurige bladen van een fotoboek en met een laptop kruip je niet knus opgekruld in de zetel om je te verliezen in een verhaal.
Dat ik door mijn slordigheid een flinke sponsor ben in de vorm van "te laat"boetes, neem ik er graag bij; I simply luuuuuuuv ze bieb!!!
donderdag, september 13, 2007
Avondje cultuur

10 en ik kregen van Vriend kaartjes voor het filmfestival in onze eigenste stad.
Dank je wel lieverd!
Uitkiezen welke film we zouden gaan zien had heel wat voeten in de aarde maar uiteindelijk kozen we voor drama met Glenn Close en Meryl Streep over de relatie moeder-dochter.
Tenslotte mag het wel eens een film zijn die minder makkelijk ligt bij zo'n gelegenheid dachten we dapper.
Bij aankomst aan de cinema waanden we ons echt een beetje in Cannes ( wel even onze pittige kustwind wegdenken ). De rode loper lag over de hele breedte van het voetpad tot op de straat uitgerold, de pers stond klaar met grote camera's en van die omzwachtelde microfoons op een uitschuifstok en er stond een haag van schoon uitgedost volk te wachten. Bleek dat die avond de crew en cast van Flikken verwacht werd alsook Jane Birkin, Arno en nog meer beroemd volk.
10 en ik waren naar loffelijke gewoonte maar net op tijd maar berekenden dat we de reclame en voorfilmpjes wel konden overslaan om zo de aankomst van de sterren mee te maken. "Nee" zei de jongen aan de kassa, "dat zal niet gaan, de festivalfilms hebben geen reclame of filmpjes vooraf".
Jammer, maar een stuk van de film missen leek ons maar niks dus we trokken vrolijk tetterend naar de zaal.
We verwonderden ons erover dat er wel héél weinig publiek was, maar ja, cultuur is niet altijd even populair meenden we.
Groot was onze verbazing en verontwaardiging echter toen we minstens een kwartier reclame voorgeschoteld kregen. Waarna er - jawel - voorfilmpjes volgden. Tekenfilms notabene, eentje over zingende en dansende pinguïns, de andere over groene blubberige ruimtewezens.
En daar lieten wij de aankomst van Jane Birkin en Roel Vanderstukken voor schieten !Bij de derde - over ratten deze keer - vonden we het toch wat ver gaan, we zaten ondertussen al meer dan een half uur in de zaal!
En als ze dan toch per se voorfilms moesten draaien voor het festival, was er dan niks kunstzinnigers te bedenken dan animatiefilms ?
Ratatouille was al een kwartier bezig toen het ons begon te dagen...
We hadden ons van zaal vergist!

We zijn maar blijven zitten, voor de juiste film was het toch te laat.
De avonturen van een rat in Parijs die chefkok wil worden, niet mis als verhaallijn, geef toe.
In de pauze nog een jongen aan onze stoel gehad die ons vermanend kwam toespreken dat we niet betaald hadden.
Blijkbaar zet onze poep in de cinemastoeltjes een ingenieus systeem in werking waardoor de controlejongens op hun scherm kunnen zien welke zeteltjes onrechtmatig bezet worden.
Hij zal die twee dames wel héél stom gevonden hebben toen hij hun verhaal hoorde.
Na overleg met zijn chef werd onze misdaad voor één keer door de vingers gezien en konden we giechelend de film uitkijken.
Bwah, viel al bij al nog mee hoor.
Maar toen we achteraf in de loungebar Arno tegen het lijf liepen hoopte ik wel héél erg dat hij niet zou vragen welke film we gezien hadden.
woensdag, september 05, 2007
Hondsdagen
Ik wist helemaal niet dat ik zo op routine gesteld was en toch ben ik nu echt een beetje de kluts kwijt.
Maar ik begin voor u bij het begin, want u weet natuurlijk niet waarover het gaat.
Over mijn fietstochtje naar het ziekenhuis waar ik werk vertelde ik al eens.
Bij vroegdiensten zag ik hem niet, maar vóór alle andere diensten wel : hondje.
Zijn huisje staat in een straat waar ik elke dag doorrij. Het was een vrolijk beest, een allemansvriend van een onbestemd ras. Hij had een vaste stek voor het raam , al jaren.
Er waren ook poezen in huis en ze waren beste vrienden met hondje en hondje met hen, ik zag ze dikwijls samen spelen of slapen voor het raam.
Ik kan niet tellen hoe vele keren ik daar voorbij reed en hondje aankeek en hij mij - vrolijk kwispelend - honderden keren per jaar.
Maar u weet hoe het is op de fiets, je moet ook een oog op de weg houden dus de gekruiste blikken waren vluchtig.
Dit ter mijner verdediging.
Want ik weet echt niet hoe dikwijls ik hondje aangekeken heb op z'n kussen voor het venster eer ik besefte dat er iets vreemd was.
Dan wordt dat een aandachtspunt natuurlijk : " Ha! we naderen het huis van hondje, nu moet ik eens iets beter kijken " (Een mens praat wat af met zichzelf zo op de fiets. Ik toch.)
Hondje zat er alle dagen en keek mij gewoontegetrouw aan. Zoef. Ik was al voorbij, want ik bleef wel fietsen natuurlijk.
Soms lag poes te slapen tussen de poten van hondje.
Niks mis mee, lieflijk tafereel, en toch klopte er iets niet.
Tot op zekere dag poes wel héél uitgestrekt over de rug van hondje lag en mijn frank viel toen ik al bijna bij het ziekenhuis was, want het hield mij bezig hé, dat kan ik u verzekeren.
Natuurlijk....diezelfde houding, gelijk welk moment van de dag...hondje was opgezet! Vakkundig leeggehaald en weer opgevuld door een taxidermist! Ik heb hondje ooit zien kwispelen en heen en weer lopen voor het raam en nu zat datzelfde beestje daar met blinkende glazen oogjes stokstijf voor altijd naar buiten te kijken! Ik weet niet hoe lang al!
Als u denkt dat hiermee de kous af was, dan bent u er niet. Hondje en ik bleven elkaar dagelijks aankijken. Ik vroeg me af of ze hem 's avonds een halve slag draaiden zodat hij niet naar het neergelaten rolluik moest staren maar mee naar tv kon kijken.
Een tijd geleden zag ik dat er een nieuwe, levende hond in huis was maar mijn vriendje bleef op z'n vaste stek voor het raam om mij goedmoedig aan te kijken voor mijn werkdag begon.
Bij de kapper - wat zouden we doen zonder deze onuitputtelijke bronnen van buurtnieuws - hoorde ik dat de eigenaars al aan het sparen zijn; voor als het nieuwe nu nog levende hondje ook moet opgezet worden.
Ik duimde voor een lang leven voor het nieuwe beest want er was echt geen plaats meer op dat kastje voor het raam vond ik.
Maar nu is er al een tijdje iets wat mij verontrust.
Er hangen nieuwe gordijnen. Dat zag ik eerst. Lange, geen doorkijk meer voor hondje. Wat sneu.
Ik zag ook hondje niet meer. Nergens. Alle acrobatentoeren, tergend langzaam fietsen en gedraaide nekken ten spijt.
Ik hoopte aanvankelijk nog - ingegeven door de nieuwe gordijnen - dat er één of andere Debbie Travis aan het werk was geweest die hondje een meer kunstzinnig verantwoorde plaats had gegeven binnen het woonkamergebeuren, maar hoe ik ook gluur en tuur, hondje is spoorloos.
Zijn ze verhuisd en kijkt hondje ergens anders naar voorbijfietsende madammen die zich afvragen wat er mis is met dat beest?
Of hebben ze hem weggedaan ? En hoe doe je dat dan ? Toch niet naar het containerpark ? Is er ergens een plaats voor afgedankte opgezette hondjes ? Wordt hij te koop aangeboden in de kringloopwinkel of de betere tweedehandszaak ? Zit hij gewoon op zolder bij ik weet niet hoe veel andere opgezette hondjes en spelen de kinderen er hondenschooltje mee?
Ik hou het niet meer uit.
Vandaag heb ik - alhoewel het nog lang geen tijd is - een afspraak gemaakt bij mijn kapper.
Maar ik begin voor u bij het begin, want u weet natuurlijk niet waarover het gaat.
Over mijn fietstochtje naar het ziekenhuis waar ik werk vertelde ik al eens.
Bij vroegdiensten zag ik hem niet, maar vóór alle andere diensten wel : hondje.
Zijn huisje staat in een straat waar ik elke dag doorrij. Het was een vrolijk beest, een allemansvriend van een onbestemd ras. Hij had een vaste stek voor het raam , al jaren.
Er waren ook poezen in huis en ze waren beste vrienden met hondje en hondje met hen, ik zag ze dikwijls samen spelen of slapen voor het raam.
Ik kan niet tellen hoe vele keren ik daar voorbij reed en hondje aankeek en hij mij - vrolijk kwispelend - honderden keren per jaar.
Maar u weet hoe het is op de fiets, je moet ook een oog op de weg houden dus de gekruiste blikken waren vluchtig.
Dit ter mijner verdediging.
Want ik weet echt niet hoe dikwijls ik hondje aangekeken heb op z'n kussen voor het venster eer ik besefte dat er iets vreemd was.
Dan wordt dat een aandachtspunt natuurlijk : " Ha! we naderen het huis van hondje, nu moet ik eens iets beter kijken " (Een mens praat wat af met zichzelf zo op de fiets. Ik toch.)
Hondje zat er alle dagen en keek mij gewoontegetrouw aan. Zoef. Ik was al voorbij, want ik bleef wel fietsen natuurlijk.
Soms lag poes te slapen tussen de poten van hondje.
Niks mis mee, lieflijk tafereel, en toch klopte er iets niet.
Tot op zekere dag poes wel héél uitgestrekt over de rug van hondje lag en mijn frank viel toen ik al bijna bij het ziekenhuis was, want het hield mij bezig hé, dat kan ik u verzekeren.
Natuurlijk....diezelfde houding, gelijk welk moment van de dag...hondje was opgezet! Vakkundig leeggehaald en weer opgevuld door een taxidermist! Ik heb hondje ooit zien kwispelen en heen en weer lopen voor het raam en nu zat datzelfde beestje daar met blinkende glazen oogjes stokstijf voor altijd naar buiten te kijken! Ik weet niet hoe lang al!
Als u denkt dat hiermee de kous af was, dan bent u er niet. Hondje en ik bleven elkaar dagelijks aankijken. Ik vroeg me af of ze hem 's avonds een halve slag draaiden zodat hij niet naar het neergelaten rolluik moest staren maar mee naar tv kon kijken.
Een tijd geleden zag ik dat er een nieuwe, levende hond in huis was maar mijn vriendje bleef op z'n vaste stek voor het raam om mij goedmoedig aan te kijken voor mijn werkdag begon.
Bij de kapper - wat zouden we doen zonder deze onuitputtelijke bronnen van buurtnieuws - hoorde ik dat de eigenaars al aan het sparen zijn; voor als het nieuwe nu nog levende hondje ook moet opgezet worden.
Ik duimde voor een lang leven voor het nieuwe beest want er was echt geen plaats meer op dat kastje voor het raam vond ik.
Maar nu is er al een tijdje iets wat mij verontrust.
Er hangen nieuwe gordijnen. Dat zag ik eerst. Lange, geen doorkijk meer voor hondje. Wat sneu.
Ik zag ook hondje niet meer. Nergens. Alle acrobatentoeren, tergend langzaam fietsen en gedraaide nekken ten spijt.
Ik hoopte aanvankelijk nog - ingegeven door de nieuwe gordijnen - dat er één of andere Debbie Travis aan het werk was geweest die hondje een meer kunstzinnig verantwoorde plaats had gegeven binnen het woonkamergebeuren, maar hoe ik ook gluur en tuur, hondje is spoorloos.
Zijn ze verhuisd en kijkt hondje ergens anders naar voorbijfietsende madammen die zich afvragen wat er mis is met dat beest?
Of hebben ze hem weggedaan ? En hoe doe je dat dan ? Toch niet naar het containerpark ? Is er ergens een plaats voor afgedankte opgezette hondjes ? Wordt hij te koop aangeboden in de kringloopwinkel of de betere tweedehandszaak ? Zit hij gewoon op zolder bij ik weet niet hoe veel andere opgezette hondjes en spelen de kinderen er hondenschooltje mee?
Ik hou het niet meer uit.
Vandaag heb ik - alhoewel het nog lang geen tijd is - een afspraak gemaakt bij mijn kapper.
vrijdag, augustus 17, 2007
Join us!!

Ikzelf behoor nog tot de oude garde van Hen Die Geroepen Zijn. Maar onze rangen dunnen uit, we worden meer en meer een rariteit en wat meewarig bekeken. Verpleegkundige is al een hele tijd een knelpuntberoep en er waren al ettelijke dik gesubsidiëerde promotiecampagnes die weinig of geen aarde aan de dijk hebben gebracht.
Mensen die aan een opleiding beginnen krijgen vele faciliteiten, maar spectaculaire resultaten blijven uit , er is en er blijft een schrijnend tekort. Collega's worden niet vervangen omdat er simpelweg geen collega's voorhanden zijn. Waarom komen die reclamemannen eens aan ons niet vragen wat er zo interessant is aan onze job? Moeten wij dan in Godsnaam alles zelf doen? Alléz vooruit :
Een kleine greep uit de ontelbare voordelen van de verpleging :
- Het betaalt beter dan een job bij MacDonald (de uren zijn wel minder goed).
- Je mag de hipste crocs of fashionable birkenstocks dragen.
- Je moet je flashy witte outfit niet zelf wassen.
- Je krijgt de gelegenheid om de meest exotische, zeldzame en spannende aandoeningen
te ontdekken.
- Je krijgt aromatherapie : weliswaar in vormen die je voordien niet voor mogelijk
had gehouden.
- Geven is beter dan nemen ; vooral als het spuitjes en bloed prikken betreft.
- Wie wil er nog de chaosudoku uit de Humo als je dagelijks doktersvoorschriften mag
ontcijferen?
- Ruimte zat om in nachtelijke gangen silly walks te oefenen.
- Je werkt samen met onfeilbare en immer innemende, voorkomende en welgezinde
artsen.
- Originele fitness : vooral heffen, tillen en lopen.
- Nooit meer alleen met Kerstmis of andere feestdagen : je viert ze op het werk met
de collega's.
- Je krijgt de kans beroemde personen te ontmoeten : tenslotte moet iedereen ooit wel eens bevallen, één of ander laten verwijderen, aanzetten of gladstrijken.
- Als een etentje vervelend wordt kun je altijd uitweiden over sappige wonden of etterige toestanden om de boel wat leven in te blazen (of om van tafel verwijderd te worden)
- Je leert koffie drinken en appreciëren op alle uren van de dag.
Ons team kan er zo nog wel een paar opsommen.
Verder houden mijn collega's en ik ons beschikbaar om radiospotjes met deze slogans in te zingen of te figureren in promotieclipjes voor tv.
Wat de NMBS kan, lukt de verpleging ook.
Doén, mijnheer de minister!
donderdag, augustus 09, 2007
How Are You Dranouter !
We stappen geladen met tent en slaapzak door het heuvelland; links kijken een tiental koeien ons loom aan, rechts ligt een glooiend veld vol spruitkolen.
En dan krijgen we boven die kolen plots de rode wimpels van de Kayam te zien.
Verder stappen en na een bocht in de weg komen honderden (duizenden?) kleurige tentjes tevoorschijn, tegen de heuvel geplakt.
Het blijft een onvergetelijk zicht en één van de hoogtepunten van mijn zomer : het folkfestival van Dranouter.
De editie van dit jaar vond ik één om duimen en vingers bij af te likken.
Een tent ingericht door de kringloop - compleet met tapijten en zachte zetels - waar het goed toeven en luisteren is, fantastische te ontdekken muziek op de alternatieve locaties, plaats genoeg om te genieten van zon, muziek en schoon volk.
Bart Peeters die van het melige "wil je met me trouwen?" iets maakt waar een bomvolle tent van moet slikken, Kadril die met de volksmuziekschool - hulde aan de doedelzakken - voor een massaal kippenvelmoment zorgt, Shantel die zijn wodka uit Bulgarije ronddeelt in de Palace; maar iedereen doet springen, ook zij die niks kregen.
Als die mensen vanop het podium dan roepen : "How Are You Dranouter !", dan brult Dranouter onverstaanbaar maar volmondig positief terug.
Het festival vindt zijn zoveelste adem en wordt eindelijk weer zichzelf.
En dan krijgen we boven die kolen plots de rode wimpels van de Kayam te zien.
Verder stappen en na een bocht in de weg komen honderden (duizenden?) kleurige tentjes tevoorschijn, tegen de heuvel geplakt.
Het blijft een onvergetelijk zicht en één van de hoogtepunten van mijn zomer : het folkfestival van Dranouter.
De editie van dit jaar vond ik één om duimen en vingers bij af te likken.
Een tent ingericht door de kringloop - compleet met tapijten en zachte zetels - waar het goed toeven en luisteren is, fantastische te ontdekken muziek op de alternatieve locaties, plaats genoeg om te genieten van zon, muziek en schoon volk.
Bart Peeters die van het melige "wil je met me trouwen?" iets maakt waar een bomvolle tent van moet slikken, Kadril die met de volksmuziekschool - hulde aan de doedelzakken - voor een massaal kippenvelmoment zorgt, Shantel die zijn wodka uit Bulgarije ronddeelt in de Palace; maar iedereen doet springen, ook zij die niks kregen.
Als die mensen vanop het podium dan roepen : "How Are You Dranouter !", dan brult Dranouter onverstaanbaar maar volmondig positief terug.
Het festival vindt zijn zoveelste adem en wordt eindelijk weer zichzelf.
woensdag, juli 25, 2007
Liefde is een Fruitpers
Dat Vriend op nogal wat punten van mij verschilt vertelde ik u al.
Alhoewel hij het voor strak, sober en gestroomlijnd heeft en ik géén van deze dingen ben, houdt hij het toch al vele jaren met me vol.
Zijn designkeuken ligt er steevast toonzaalproper bij, die van mij is letterlijk een kitsch kitchen.
Ik heb het voor patchwork, mozaïek, vuurwerk en rommelmarkten.
Vriend is gek op lange quizavonden. De moeilijke soort.
Hij en zijn ploeg zijn er meestal heel goed in. En dan mogen ze na afloop aan de prijzentafel iets kiezen. Vriend bracht al kunstboeken, flessen wijn, boekenbons, zelfs ooit een hotelverblijf mee.
Maar toen hij hiermee thuis kwam wist ik het zeker :
Hij houdt van mij.
Alhoewel hij het voor strak, sober en gestroomlijnd heeft en ik géén van deze dingen ben, houdt hij het toch al vele jaren met me vol.
Zijn designkeuken ligt er steevast toonzaalproper bij, die van mij is letterlijk een kitsch kitchen.
Ik heb het voor patchwork, mozaïek, vuurwerk en rommelmarkten.
Vriend is gek op lange quizavonden. De moeilijke soort.
Hij en zijn ploeg zijn er meestal heel goed in. En dan mogen ze na afloop aan de prijzentafel iets kiezen. Vriend bracht al kunstboeken, flessen wijn, boekenbons, zelfs ooit een hotelverblijf mee.
Maar toen hij hiermee thuis kwam wist ik het zeker :
Hij houdt van mij.
maandag, juli 23, 2007
Reizen om te Lezen
We waren op reis dus. Een prachtige streek, superzonnig weer, avontuurlijke toestanden, pittoreske kapelletjes, lekker eten, u kent het wel.
Behalve sightseeiïng, gezonde natuurwandelingen en fascinerende cultuur is het voor ons ook altijd het moment om bij te lezen.
Kilo's boeken gaan waar wij gaan want niets is zo heerlijk als op gelijk welke plek ter wereld in een meeslepend boek duiken.
Dit jaar was het een terras met zicht op de bergen of een geurige alpenwei bij een kabbelend bergbeekje.
Vriend lees meestal dikke literaire boeken. Ik neem op reis pockets mee, I travel light! Letterlijk en figuurlijk. Van mij zijn het immers meestal romans die minder gerenommeerd zijn, historische liefdesverhalen of magische fictie. Om mijn geweten te sussen bij al dat makkelijke leesvoer maak ik het toch een béétje moeilijk en neem ik Engelse uitgaven, gevonden op de rommelmarkt of in de kringloopwinkel.
Als het boek pakkend genoeg is gaat het overal mee tot het uit is.
Zo was dat van mij - Searching for Caleb - zekere dag in een stadje in Italië. Een lange en vooral inspannende autorit van Vriend langs een bergpas met ronkende naam en dito reputatie had ons daar gebracht.
Na de markt, het park, de romeinse crypten en de kathedraal belandden we in een leuke bistro. Daar keek Vriend met de Italianen en een pintje koers terwijl ik bij het genot van een authentieke capuccino mijn boek las.
Het leven kan schoon zijn.
Wreed.
Dat ook.
Want toen ik 's avonds - terug in het hotel - mijn dierbare boek wilde pakken was het nergens te vinden.
Het ligt in Italië.
Zelfs als ik een boek tot het einde uitlees heb ik soms spijt. Spijt dat het gedaan is.
Maar dit is erger : ik weet zelfs niet hoe het afloopt.
Dit wordt een klus voor R ; zij kent als geen ander haar weg als het om boeken gaat. Zij zal een exemplaar voor me vinden.
Nog nooit de titel van een boek zo letterlijk in de praktijk gebracht.
Zucht.
dinsdag, juni 19, 2007
Reizen om te Leren
Rugzakreizen is een fantastische manier van vakantie houden vind ik. Je leert de streek en de mensen van heel dichtbij kennen als je niet weggestopt zit in een sterrenhotel. Als je je met hun plaatselijk vervoer verplaatst, je eten op hun markten koopt en staat te stuntelen met een wegenkaart ondersteboven ergens op de hoek van een straat maak je dingen mee die geen enkele touroperator je kan bieden : een zelfgemaakte pizza in de tuin van een sinaasappelverkoopster, ontbijt van rode bieten en vodka (en nog een vodka, en nog één), kaas helpen maken, mee mogen naar een verborgen watervalletje in een bergbos...
Ondanks al die heerlijkheden heb ik me in de loop der jaren toch laffelijk tot zekerder en comfortabeler reissystemen bekeerd.
Maar ik geniet als ik merk dat Oudste en Middelste zich (nog) niet zoals velen laten vangen aan Last Minute's naar All Inclusive eenheidsworst in Turkije.
Oudste is net terug van een maand Portugal. Met niks dan een rugzak en tent.
En na zijn verhalen weet ik : sedert 25-30 jaar geleden is er nog een charme bij voor de backpackers. De Erasmusstudenten. Tegenwoordig kom je in elke universiteitsstad jong volk van alle landen tegen die op hun beurt in andere steden ook jongeren kennen en in een mum van tijd heb je in quasi elk land vrienden en adressen.
In Miranda waren de meisjes uit Belgica alvast een gekend fenomeen, ontdekte Oudste. Met z'n vijven in een studentenhuis wonen ze zo goed als op hun balkon en zwaaien consequent naar iedereen die in hun straat passeert! Als PR voor ons land kan dat tellen.
Maar ondertussen werden ze wel echte Portugese chicas dus. Na maanden onderdompeling in de streek kennen ze natuurlijk alle places to be en people to meet. Who needs the Lonely Planet als er Erasmusstudenten zijn!
Oudste was ginder jarig enkele weken geleden en bakte - met Portugese ingrediënten - echte Vlaamse pannenkoeken voor al z'n nieuwe internationale vrienden daar. Het was een succes, hij moest het aan iedereen demonstreren.
De culinaire bevruchting werkte wederzijds : sedert thuiskomst doet hij zelf de heerlijkste dingen met olijven.
Maar hij moet waarschijnlijk gauw weer op reis, want gisteren kreeg hij een sms van Hiro uit Japan : "Tried to bake your pancakes. I sucked"
Ondanks al die heerlijkheden heb ik me in de loop der jaren toch laffelijk tot zekerder en comfortabeler reissystemen bekeerd.
Maar ik geniet als ik merk dat Oudste en Middelste zich (nog) niet zoals velen laten vangen aan Last Minute's naar All Inclusive eenheidsworst in Turkije.
Oudste is net terug van een maand Portugal. Met niks dan een rugzak en tent.
En na zijn verhalen weet ik : sedert 25-30 jaar geleden is er nog een charme bij voor de backpackers. De Erasmusstudenten. Tegenwoordig kom je in elke universiteitsstad jong volk van alle landen tegen die op hun beurt in andere steden ook jongeren kennen en in een mum van tijd heb je in quasi elk land vrienden en adressen.
In Miranda waren de meisjes uit Belgica alvast een gekend fenomeen, ontdekte Oudste. Met z'n vijven in een studentenhuis wonen ze zo goed als op hun balkon en zwaaien consequent naar iedereen die in hun straat passeert! Als PR voor ons land kan dat tellen.
Maar ondertussen werden ze wel echte Portugese chicas dus. Na maanden onderdompeling in de streek kennen ze natuurlijk alle places to be en people to meet. Who needs the Lonely Planet als er Erasmusstudenten zijn!
Oudste was ginder jarig enkele weken geleden en bakte - met Portugese ingrediënten - echte Vlaamse pannenkoeken voor al z'n nieuwe internationale vrienden daar. Het was een succes, hij moest het aan iedereen demonstreren.
De culinaire bevruchting werkte wederzijds : sedert thuiskomst doet hij zelf de heerlijkste dingen met olijven.
Maar hij moet waarschijnlijk gauw weer op reis, want gisteren kreeg hij een sms van Hiro uit Japan : "Tried to bake your pancakes. I sucked"
zondag, mei 27, 2007
koffiecursiefje

Ik heb het van thuis mee, mijn vader en moeder dronken ook, en nog steeds. Ze hebben nooit moeite gedaan dat voor ons te verbergen.
Als kind mochten wij elk om beurt de bonen malen en daarna het schuifje in de koffiezak leegmaken. Iets ouder mochten we met de ketel de koffie opgieten tot aan de boord, om dan te blijven kijken hoe de drab langzaam zakte. Geef toe, op zo'n prille leeftijd al aan zulke dingen blootgesteld worden : daar komen vodden van.
Ik ken alle symptomen van verslaving en ik weet het zeker : ik ben een koffiejunk. Al jàren, want toen VOF De Kunst in 1987 zong over "het pure spul zonder de suiker" en "het zwarte goud" brulde ik dat al in complete overeenstemming mee.
Als ik 's morgens uit bed kom gaan mijn gedachten onverwijld naar dat eerste shot, en wanneer ik de ochtendlijke slok neem, dan is dat waarlijk de spreekwoordelijke engel die op mijn tong plast....hemels.
In mijn Ouderhuis maken ze trouwens nog steeds koffie die rechtstaat in je keelgat, ook als je om 20u 's avonds binnenvalt. Respect! Ikzelf ben wat dat betreft door vele jaren hospitaalkoffie (lees : nonnenkoffie) op dat gebied sterk verwaterd.
Want alhoewel thuis de kiem voor mijn verslaving ontstond, mijn beroep van verpleegkundige heeft ook niet geholpen. De liters die dagelijks bij ons op dienst geconsumeerd worden zijn niet te tellen. Voor ons geen automaten of senseo, want niets zo authentiek en gezellig als de geur van versgezette koffie.
In Engeland mogen ze dan bij elk probleem uitroepen "I'll put the kettle on!", hier is de koffie ons bakje troost.
En geef toe - zelfs als je geen addict bent - er zijn heerlijkheden die pas echt tot hun recht komen in combinatie mét. Speculoos en chocolade bijvoorbeeld.
En kletsen.
Of al gehoord van thee- of chocomelkklets misschien?
En dan de sfeer die koffie oproept : Als ik een pak koffie opentrek, dan komt er salsa en percussie vrij, vrolijkheid, energie.
Dat overkomt mij nu eens nooit met groene thee zie.
(nipt van haar koffie)
zondag, mei 13, 2007
Schuld en Boete
Mijn meetje - God hebbe haar ziel - was zéér en goed-gelovig. Het eerste is volgens mij sowieso onmogelijk zonder het laatste. Ze was lid van een fanclub voor het woord fanclub zelfs maar bestond. In die tijd werden grote groepen fanatiekelingen nog leger of legioen genoemd. Het legioen van Maria (spreek uit Màarja) gaf haar de verzekering dat alle miserie die ze hier op aarde meemaakte ruimschoots zou vergoed worden in het Hiernamaals.
Met zichzelf moest ze niet inzitten, haar plaats was al besproken, maar de rozenkransen die ze voor ons bad zijn niet te tellen. Blijkbaar konden we wat extra gebruiken.
Haar geloof was erg kleurrijk en magisch en als kind al kon ik van beide niet genoeg krijgen.
Meetje had een grote verzameling heiligenbeelden die her en der in huis liefdevol uitgestald stonden.
Sint-Antonius stond met zijn bruine pij aan te glimlachen op de schouw en werd aangeroepen als ze iets kwijt was. Was het belangrijk, dan werd er zelfs een kaarske ontstoken aan z'n voeten. Vond ze het voorwerp niet direct, dan werd de intonatie eerder dwingend dan smekend, en ik maakte het ettelijke keren mee dat "Den Illihe Nantoon" letterlijk in de hoek belandde, met zijn gezicht naar de muur. Hij kreeg geen woord meer.
Het ritueel eindigde uiteraard met het vinden van het verlorene. Dan werd Sint-Antonius berouwvol uit zijn hoekje gehaald, desnoods ter penitentie op de plaasteren kaalkop gekust en uitvoerig bedankt. Fascinerend vond ik dat. Nog steeds eigenlijk. Voor elk mankement, elke tegenslag was er een heilige die - als je maar devoot genoeg was - een mirakel kon verrichten. Of toch op z'n minst voor voorspraak in verband met je zaak kon zorgen bij de grote baas, God himself.
Ik kan het niet helpen maar als ik de gezondheidsgoeroe's van vandaag hoor, dan moet ik aan mijn meetje denken. Alles wat je overkwam kon afgekocht worden via de juiste heilige. Tegenwoordig heb je genoeg aan de juiste voedingssupplementen of pillen. De grote schuldgevoelens waar het geloof onze meetjes mee bang maakte met zijn erfzonde, dagelijkse- en doodzonde werden vervangen door schuldinductie en dwingende richtlijnen op het gebied van (geestelijke)gezondheid : Beweeg meer! Stop met roken! Eet gezond! Ontspan! Werk aan jezelf! Maak vrienden! Denk positief! Iemand die de dag van vandaag depressief of zwaarlijvig is - u kunt er vast nog andere bedenken - moet "mea culpa" slaan want heeft niet goed genoeg voor zichzelf gezorgd.
De dag van vandaag moet je niet meer elke avond ontelbare Weesgegroetjes afwisselen met Onzevaders om in de Hemel te geraken, de 10 simpele stappen van onze eigenste Vlaamse overheid volstaan.
Bijna even pervers als hopen op rijstpap met gouden lepels vind ik dat.
Met zichzelf moest ze niet inzitten, haar plaats was al besproken, maar de rozenkransen die ze voor ons bad zijn niet te tellen. Blijkbaar konden we wat extra gebruiken.
Haar geloof was erg kleurrijk en magisch en als kind al kon ik van beide niet genoeg krijgen.
Meetje had een grote verzameling heiligenbeelden die her en der in huis liefdevol uitgestald stonden.
Sint-Antonius stond met zijn bruine pij aan te glimlachen op de schouw en werd aangeroepen als ze iets kwijt was. Was het belangrijk, dan werd er zelfs een kaarske ontstoken aan z'n voeten. Vond ze het voorwerp niet direct, dan werd de intonatie eerder dwingend dan smekend, en ik maakte het ettelijke keren mee dat "Den Illihe Nantoon" letterlijk in de hoek belandde, met zijn gezicht naar de muur. Hij kreeg geen woord meer.

Het ritueel eindigde uiteraard met het vinden van het verlorene. Dan werd Sint-Antonius berouwvol uit zijn hoekje gehaald, desnoods ter penitentie op de plaasteren kaalkop gekust en uitvoerig bedankt. Fascinerend vond ik dat. Nog steeds eigenlijk. Voor elk mankement, elke tegenslag was er een heilige die - als je maar devoot genoeg was - een mirakel kon verrichten. Of toch op z'n minst voor voorspraak in verband met je zaak kon zorgen bij de grote baas, God himself.
Ik kan het niet helpen maar als ik de gezondheidsgoeroe's van vandaag hoor, dan moet ik aan mijn meetje denken. Alles wat je overkwam kon afgekocht worden via de juiste heilige. Tegenwoordig heb je genoeg aan de juiste voedingssupplementen of pillen. De grote schuldgevoelens waar het geloof onze meetjes mee bang maakte met zijn erfzonde, dagelijkse- en doodzonde werden vervangen door schuldinductie en dwingende richtlijnen op het gebied van (geestelijke)gezondheid : Beweeg meer! Stop met roken! Eet gezond! Ontspan! Werk aan jezelf! Maak vrienden! Denk positief! Iemand die de dag van vandaag depressief of zwaarlijvig is - u kunt er vast nog andere bedenken - moet "mea culpa" slaan want heeft niet goed genoeg voor zichzelf gezorgd.
De dag van vandaag moet je niet meer elke avond ontelbare Weesgegroetjes afwisselen met Onzevaders om in de Hemel te geraken, de 10 simpele stappen van onze eigenste Vlaamse overheid volstaan.

Bijna even pervers als hopen op rijstpap met gouden lepels vind ik dat.
maandag, april 30, 2007
Nice way to start the day!
Ik ga met de fiets werken. Ecologisch verantwoord en zo. Het ziekenhuis is trouwens belachelijk dichtbij moet ik er eerlijkheidshalve aan toevoegen.
Mijn fietstochtje verloopt volgens een min of meer vast patroon, alnaargelang de shift die ik heb.
Heb ik vroegdienst, dan vertrek ik iets na zes uur en zwaai ik naar het hoogbejaarde dametje in de straat dat al haar voetpad staat te vegen. Haar hoekhuis was vele jaren geleden een dorpswinkeltje. Zo één waar je alles kon krijgen van zaklamp tot sluitspeld. De rolluiken van de vroegere winkel gaan nooit meer omhoog maar als haar deur openstaat kan ik zo binnenkijken : alles staat er nog - geprijsd in oude belgische franken - keurig in rekken en op planken. Toen ik het de eerste keer zag geloofde ik mijn ogen niet. Maar we zijn nu vier jaar later en het is nog net zo. Misschien is ze van plan ooit weer open te gaan, en houdt ze daarom alles spic & span? Zou ze weten dat de onderlijfjes die in haar etalage liggen ondertussen very old-school zijn - ze heten nu marcellekes - en als zoete broodjes over de toonbank zouden vliegen? Eén dezer dagen vraag ik haar of ze me één van de heiligenbeeldjes verkoopt die ook tot haar ondertussen historisch assortiment behoren.
Iets verder laat de uitbaatster van het café haar hond uit. "bij nonkel Thierry" staat er in sierlijke letters op de ruit. De verf bladdert wat af. Ook bij madam, maar die trekt zich daar niks van aan. Ze rookt in kamerjas een sigaret wijl hond zijn plas doet.
De bakkerij is al open en de geur van verse boterkoeken is merkbaar tot op straat. Elke morgen weer een verleiding. Het helpt dat ik de slechte gewoonte heb thuis laat te vertrekken, zo heb ik geen tijd om af te stappen en de dag zondig te beginnen.
Verder is alles nog rustig op dit vroege uur - behalve op het kruispunt - daar snorren al grote hoeveelheden vrachtwagens voorbij. De haven is vlakbij, vandaar. Sommigen lijken wel kerstbomen, met een stuurcabine vol lichtjes. Van anderen weet ik aan de hand van de naamborden hoe de vrouw en kinderen van de chauffeurs heten. Ze komen uit alle landen en vervoeren de meest uiteenlopende zaken. Appelsienen uit Spanje, hout uit Roemenië, worst uit Polen. Ik stel me dikwijls voor wat er door de bestuurders heen gaat als ze me met m'n fiets zien staan aan het stoplicht. Ze benijden me vast dat ik aan de zee woon denk ik dan. En ze raden dat ik in het ziekenhuis werk, want dat is nu vlakbij.
Groet voor collega's van andere afdelingen die ook toestromen en fiets op slot. Op dienst krijg ik van de nachtwaak koffie tijdens de overdracht.
Mijn fietstochtje verloopt volgens een min of meer vast patroon, alnaargelang de shift die ik heb.
Heb ik vroegdienst, dan vertrek ik iets na zes uur en zwaai ik naar het hoogbejaarde dametje in de straat dat al haar voetpad staat te vegen. Haar hoekhuis was vele jaren geleden een dorpswinkeltje. Zo één waar je alles kon krijgen van zaklamp tot sluitspeld. De rolluiken van de vroegere winkel gaan nooit meer omhoog maar als haar deur openstaat kan ik zo binnenkijken : alles staat er nog - geprijsd in oude belgische franken - keurig in rekken en op planken. Toen ik het de eerste keer zag geloofde ik mijn ogen niet. Maar we zijn nu vier jaar later en het is nog net zo. Misschien is ze van plan ooit weer open te gaan, en houdt ze daarom alles spic & span? Zou ze weten dat de onderlijfjes die in haar etalage liggen ondertussen very old-school zijn - ze heten nu marcellekes - en als zoete broodjes over de toonbank zouden vliegen? Eén dezer dagen vraag ik haar of ze me één van de heiligenbeeldjes verkoopt die ook tot haar ondertussen historisch assortiment behoren.
Iets verder laat de uitbaatster van het café haar hond uit. "bij nonkel Thierry" staat er in sierlijke letters op de ruit. De verf bladdert wat af. Ook bij madam, maar die trekt zich daar niks van aan. Ze rookt in kamerjas een sigaret wijl hond zijn plas doet.
De bakkerij is al open en de geur van verse boterkoeken is merkbaar tot op straat. Elke morgen weer een verleiding. Het helpt dat ik de slechte gewoonte heb thuis laat te vertrekken, zo heb ik geen tijd om af te stappen en de dag zondig te beginnen.
Verder is alles nog rustig op dit vroege uur - behalve op het kruispunt - daar snorren al grote hoeveelheden vrachtwagens voorbij. De haven is vlakbij, vandaar. Sommigen lijken wel kerstbomen, met een stuurcabine vol lichtjes. Van anderen weet ik aan de hand van de naamborden hoe de vrouw en kinderen van de chauffeurs heten. Ze komen uit alle landen en vervoeren de meest uiteenlopende zaken. Appelsienen uit Spanje, hout uit Roemenië, worst uit Polen. Ik stel me dikwijls voor wat er door de bestuurders heen gaat als ze me met m'n fiets zien staan aan het stoplicht. Ze benijden me vast dat ik aan de zee woon denk ik dan. En ze raden dat ik in het ziekenhuis werk, want dat is nu vlakbij.
Groet voor collega's van andere afdelingen die ook toestromen en fiets op slot. Op dienst krijg ik van de nachtwaak koffie tijdens de overdracht.
woensdag, april 18, 2007
Hot Dog
Vriend heeft een hond en die is bijgevolg ook een beetje van mij.
Hij kent het geluid van mijn wagen en wanneer ik op vrijdagavond aankom staat hij hoopvol hijgend aan de poort als ik parkeer. Ik kan geen stap verder voor ik hem uitgebreid geaaid heb en verteld heb hoe lief en braaf en flink hij wel is. Niets om je raprap vanaf te maken want nadien installeert hij zich nog op z'n rug voor een knuffelsessie.
Ik heb het over De Hond welteverstaan.
Het is grote liefde tussen ons.
Vriend is ook blij als ik er ben, daar niet van, maar hij kan absoluut niet zo aandoenlijk kwispelen als De Hond.
Met ons drieën maken we lange wandelingen want zoals het een Border Collie betaamt vindt De Hond alle weer hondenweer.
Altijd even enthousiast en gedreven springt en rent hij en legt minstens drie keer de afstand af die wij doen. Een plezier om te zien hoe hij aan het strand een zeehond wordt en in de westhoek ijverig alles wat poten en oren heeft bijeendrijft.
Komen we afgepeigerd thuis en denken we dat hij nu wel moe zal zijn, dan kijkt hij ons hoopvol aan of er geen spelletje frisbee inzit. Onvermoeibaar is dat beest.
Maar het koddigst vind ik hem als hij van Vriend het commando "Lig" en "Blijf" krijgt. Wij stappen verder en De Hond - die eigenlijk moet blijven waar hij is - sluipt ons met z'n buik tegen de grond na, klaar om onmiddellijk plat te liggen als één van ons zich omdraait, onschuldige blik inbegrepen.
De slimste, grappigste, gezelligste hond ter wereld, dat wij die nu net treffen.
maandag, april 09, 2007
Gevleugeld Geflipt
Het was al ruim vooravond vorige week zondag - koers op tv - toen we op aanraden van Lilith Ieperwaarts trokken. Niet dat ze erg moest aandringen. Ik ben gek op straattoneel. Het heeft iets middeleeuws vind ik : je vergapen aan kunstenmakers, raar uitgedoste figuren, vuurspuwers, muzikanten en mimespelers.
We werden niet teleurgesteld, want ondanks het feit dat we te laat waren voor Abigail waren we - in het geheel niet gehinderd door enige voorkennis - ruim op tijd voor de Clement Brothers. Stel je een aftandse koelwagen voor, zo eentje waar een oude beenhouwer de markten mee doet, die het terrein komt opgereden. Aan het stuur een mega-hagedis. Of toch iets reptielachtigs. Het oranje-rode beest parkeert netjes z'n wagen en smijt de zijdeuren open. De inhoud wordt afgeschermd door kippengaas, waarachter een vijfkoppig orkestje staat te wachten. Ondertussen zit er al flink wat volk te wachten op de lange houten banken. Er is ook een versleten maar kleurig caravanneke mee dat dienst doet als bar en de lizardman hangt gekleurde lichtjes rond het terrein, ik kreeg er zowaar een cowboyachtig jaarmarktgevoel bij.
Als binnenkomer kan dat tellen vind ik. Als je goed kijkt op de foto zie je de chauffeur boven op de wagen liggen en het publiek monsteren.

Het orkestje brengt op geheel eigen wijze countrytraditionals en blues, aan mekaar gepraat met anekdotes uit het marginale leven van de familie in Deurne - al zou die net zo goed eender waar in Vlaanderen of de wereld kunnen zijn -. Ze herinnerden me héél af en toe aan de Internationale Nieuwe Scéne waar ik mij in hun begindagen (de jaren '70) aan vergaapte. Maar hoe avontuurlijk of underdogachtig ze ook willen zijn, de Clement Brothers, er moeten nog massa's boterhammekes gegeten worden voor ze zó ver zijn. Maar goed, goed en inventief, en super als het zo onverwacht in je schoot valt. We bleven tot de laatste man en vrouw en lieten er zelfs onze pappenheimers voor staan. Als de hagedis tenslotte alles afbreekt, de stekker uit het stopcontact trekt, de deuren dichtklapt en met z'n bestelwagen wegrijdt, dan speelt het orkest nog steeds voort. Mede dank zij hen zijn we volgend jaar zeker weer present in de Gevleugelde Stad.
P.S. : Zitten we zaterdagavond op café in Brugge, staat daar iemand die ik meen te kennen - maar waar vandaan ook alweer? -.Vriend heeft geheugen voor ons alletwee en herkent onmiddellijk één van de Brothers. Leuke babbel nog, en waarlijk cowboys die jongens: altijd van huis weg en on the road.
We werden niet teleurgesteld, want ondanks het feit dat we te laat waren voor Abigail waren we - in het geheel niet gehinderd door enige voorkennis - ruim op tijd voor de Clement Brothers. Stel je een aftandse koelwagen voor, zo eentje waar een oude beenhouwer de markten mee doet, die het terrein komt opgereden. Aan het stuur een mega-hagedis. Of toch iets reptielachtigs. Het oranje-rode beest parkeert netjes z'n wagen en smijt de zijdeuren open. De inhoud wordt afgeschermd door kippengaas, waarachter een vijfkoppig orkestje staat te wachten. Ondertussen zit er al flink wat volk te wachten op de lange houten banken. Er is ook een versleten maar kleurig caravanneke mee dat dienst doet als bar en de lizardman hangt gekleurde lichtjes rond het terrein, ik kreeg er zowaar een cowboyachtig jaarmarktgevoel bij.
Als binnenkomer kan dat tellen vind ik. Als je goed kijkt op de foto zie je de chauffeur boven op de wagen liggen en het publiek monsteren.

Het orkestje brengt op geheel eigen wijze countrytraditionals en blues, aan mekaar gepraat met anekdotes uit het marginale leven van de familie in Deurne - al zou die net zo goed eender waar in Vlaanderen of de wereld kunnen zijn -. Ze herinnerden me héél af en toe aan de Internationale Nieuwe Scéne waar ik mij in hun begindagen (de jaren '70) aan vergaapte. Maar hoe avontuurlijk of underdogachtig ze ook willen zijn, de Clement Brothers, er moeten nog massa's boterhammekes gegeten worden voor ze zó ver zijn. Maar goed, goed en inventief, en super als het zo onverwacht in je schoot valt. We bleven tot de laatste man en vrouw en lieten er zelfs onze pappenheimers voor staan. Als de hagedis tenslotte alles afbreekt, de stekker uit het stopcontact trekt, de deuren dichtklapt en met z'n bestelwagen wegrijdt, dan speelt het orkest nog steeds voort. Mede dank zij hen zijn we volgend jaar zeker weer present in de Gevleugelde Stad.
P.S. : Zitten we zaterdagavond op café in Brugge, staat daar iemand die ik meen te kennen - maar waar vandaan ook alweer? -.Vriend heeft geheugen voor ons alletwee en herkent onmiddellijk één van de Brothers. Leuke babbel nog, en waarlijk cowboys die jongens: altijd van huis weg en on the road.
zaterdag, maart 31, 2007
Slap Gelach
Ik zou er zo graag meer over weten, het fenomeen beschreven zien in één of ander gerenommeerd vaktijdschrift. Het wordt door degenen die het nooit hebben soms smalend "kinderachtig" genoemd. Misschien is het inderdaad een overblijfsel uit die kindertijd en kun je het als een soort regressie beschouwen, als je je niet door goede manieren of verantwoordelijkheden laat tegenhouden en gewoon die lach bezit van je laat nemen. Als je ouder bent kun je er denk ik een fractie eerder mee ophouden dan vroeger, het iéts beter beheersen, maar echt zeker weet ik dat niet want mij lukt het zelden.
Is er trouwens ooit wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de slappe lach? Want ik meen het hé, ik wil mij daarin verdiepen. Is het cultuurgebonden? Krijgen Eskimo's of Bosjesmannen het ook? Doen Fabiola of Mathilde het in de beslotenheid van hun paleis tot de tranen hen over de wangen rollen? En roepen ze dan uit, terwijl ze naar hun buik grijpen die ondertussen pijn doet van het onbeheerste lachen : "Stop! Of ik doe het in mijn broek!"?
Het zou ook erfelijk kunnen zijn. In dat geval zit het bij mij langs moederskant in de familie.
Mijn moeder is 66 maar op familiefeestjes steevast de eerste om het te krijgen, op de voet gevolgd door mijn zus en mezelf die het véél erger hebben( of heet het in dit geval "beter kunnen"?). De kinderen vallen prompt in en we gaan door tot het niet proper meer is, gierend met alles - het hoeft niet noodzakelijk iets met de aanleiding te maken hebben - die is sowieso meestal onbenullig.
Jongste kan het samen met haar vriendinnen zo erg hebben dat ze elkaar letterlijk moeten rechthouden.
Het is alleszins besmettelijk want alhoewel ik het een enkele keer helemaal op mijn eentje heb gehad zijn de aanvallen op zo'n moment belange zo heftig niet en veel vlugger over. Het is iets wat je minstens met twee maar makkelijk ook met z'n meren kunt krijgen. Héél genant op vergaderingen of voordrachten trouwens, ik verzeker u!
Als je moe bent heb je er ook iets minder verweer tegen, meen ik te ervaren, en stress is een factor die de ernst verhoogt. Als het niet mag of ongepast is en je probeert met krampachtig hikken de boel te maskeren, mag je er zeker van zijn dat het een ramp wordt en je eindigt met heftig schokkende schouders en een rode kop.
Ik zou durven beweren dat vrouwen het iets vaker hebben dan mannen - zo op het zicht -alhoewel ik geen statistieken of enquêtes heb om die bewering te staven.
Ik stel me ook vragen bij de benaming. De slappe lach. De lach is allesbehalve slap, of zo ervaar ik het alleszins niet. Ik zou hem eerder spastisch noemen : de kontrole over je spieren is op een bepaald moment volledig weg, met vreselijke grimassen, gemorste koffie, onverstaanbare woorden en schokkende bewegingen als gevolg. Letterlijk een lachstuip dus.
Veel vragen, ik kon ze zelfs niet googelen want weet niet of er wel een engels woord bestaat voor het verschijnsel.
Maar wat ik wel weet : deugd dat dat doet! Achteraf voel je je totaal ontspannen en in vrede met de hele belachelijk ernstige wereld.
Is er trouwens ooit wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de slappe lach? Want ik meen het hé, ik wil mij daarin verdiepen. Is het cultuurgebonden? Krijgen Eskimo's of Bosjesmannen het ook? Doen Fabiola of Mathilde het in de beslotenheid van hun paleis tot de tranen hen over de wangen rollen? En roepen ze dan uit, terwijl ze naar hun buik grijpen die ondertussen pijn doet van het onbeheerste lachen : "Stop! Of ik doe het in mijn broek!"?
Het zou ook erfelijk kunnen zijn. In dat geval zit het bij mij langs moederskant in de familie.
Mijn moeder is 66 maar op familiefeestjes steevast de eerste om het te krijgen, op de voet gevolgd door mijn zus en mezelf die het véél erger hebben( of heet het in dit geval "beter kunnen"?). De kinderen vallen prompt in en we gaan door tot het niet proper meer is, gierend met alles - het hoeft niet noodzakelijk iets met de aanleiding te maken hebben - die is sowieso meestal onbenullig.
Jongste kan het samen met haar vriendinnen zo erg hebben dat ze elkaar letterlijk moeten rechthouden.
Het is alleszins besmettelijk want alhoewel ik het een enkele keer helemaal op mijn eentje heb gehad zijn de aanvallen op zo'n moment belange zo heftig niet en veel vlugger over. Het is iets wat je minstens met twee maar makkelijk ook met z'n meren kunt krijgen. Héél genant op vergaderingen of voordrachten trouwens, ik verzeker u!
Als je moe bent heb je er ook iets minder verweer tegen, meen ik te ervaren, en stress is een factor die de ernst verhoogt. Als het niet mag of ongepast is en je probeert met krampachtig hikken de boel te maskeren, mag je er zeker van zijn dat het een ramp wordt en je eindigt met heftig schokkende schouders en een rode kop.
Ik zou durven beweren dat vrouwen het iets vaker hebben dan mannen - zo op het zicht -alhoewel ik geen statistieken of enquêtes heb om die bewering te staven.
Ik stel me ook vragen bij de benaming. De slappe lach. De lach is allesbehalve slap, of zo ervaar ik het alleszins niet. Ik zou hem eerder spastisch noemen : de kontrole over je spieren is op een bepaald moment volledig weg, met vreselijke grimassen, gemorste koffie, onverstaanbare woorden en schokkende bewegingen als gevolg. Letterlijk een lachstuip dus.
Veel vragen, ik kon ze zelfs niet googelen want weet niet of er wel een engels woord bestaat voor het verschijnsel.
Maar wat ik wel weet : deugd dat dat doet! Achteraf voel je je totaal ontspannen en in vrede met de hele belachelijk ernstige wereld.
donderdag, maart 22, 2007
Oei!
Zo lang geleden al!
Nee, hier gebeurden geen vreselijke noch trieste dingen.
Nul kommer en kwel.
Gewoon, leven met alles erop en eraan en de blog de blog gelaten.
Er is dan ook zó veel te doen en te beleven. Prioriteiten leggen is soms moeilijk en om die reden doe ik het dikwijls gewoon niet. Ik doe wat voor de hand ligt.
Ik ben bovendien ongelooflijk goed in uitstellen. Ik moet daar helemaal geen moeite voor doen, dat komt vanzelf, ik ben om zo te zeggen een natuurtalent.
Als ik een mooi boek lees of met iets interessants of leuks bezig ben laat ik zonder schuldgevoel alles wat mogelijkerwijs kan blijven liggen ook daadwerkelijk liggen.
Daar kunnen bij tijd en wijle de hopen strijk, bergen (af)was, ongeopende briefwisseling, bibliotheekboeken, op-telefoon-wachtende-familieleden en -vrienden (en nu dus mijn dierbare blog ook) van getuigen.
Maar kijk, het zal de aanstormende lente zijn - of anders gewoon stom toeval - maar mijn strijkkast is leeg, mijn aanrecht blinkt en de post is gesorteerd.
Er liggen wel een pak superinteressante, verse bibliotheekboeken op mijn salontafel te schreeuwen "LEES MIJ!".
En ik heb nog avonddienst straks. Maar morgen, morgen zeker. Of anders overmorgen - op voorwaarde dat het dan geen te goed weer is en dat er niemand langskomt welteverstaan.
Nee, hier gebeurden geen vreselijke noch trieste dingen.
Nul kommer en kwel.
Gewoon, leven met alles erop en eraan en de blog de blog gelaten.
Er is dan ook zó veel te doen en te beleven. Prioriteiten leggen is soms moeilijk en om die reden doe ik het dikwijls gewoon niet. Ik doe wat voor de hand ligt.
Ik ben bovendien ongelooflijk goed in uitstellen. Ik moet daar helemaal geen moeite voor doen, dat komt vanzelf, ik ben om zo te zeggen een natuurtalent.
Als ik een mooi boek lees of met iets interessants of leuks bezig ben laat ik zonder schuldgevoel alles wat mogelijkerwijs kan blijven liggen ook daadwerkelijk liggen.
Daar kunnen bij tijd en wijle de hopen strijk, bergen (af)was, ongeopende briefwisseling, bibliotheekboeken, op-telefoon-wachtende-familieleden en -vrienden (en nu dus mijn dierbare blog ook) van getuigen.
Maar kijk, het zal de aanstormende lente zijn - of anders gewoon stom toeval - maar mijn strijkkast is leeg, mijn aanrecht blinkt en de post is gesorteerd.
Er liggen wel een pak superinteressante, verse bibliotheekboeken op mijn salontafel te schreeuwen "LEES MIJ!".
En ik heb nog avonddienst straks. Maar morgen, morgen zeker. Of anders overmorgen - op voorwaarde dat het dan geen te goed weer is en dat er niemand langskomt welteverstaan.
donderdag, januari 25, 2007
Gedichtendag
Poëzie is niet echt mijn ding, meestal nogal gekunsteld en gezocht vind ik.Ik ga er ook nooit naar op zoek.Maar af en toe vindt een gedicht mij, en dan klikt het meteen.Omdat het precies zegt wat ik voel, omdat ik er kippenvel van krijg of omdat het me vrolijk maakt.Eten en drinken vind ik dat dan. Soms schrijf ik het op en loop er dagenlang mee in de zak van m'n jas om steeds te herlezen tot ik het bijna van buiten ken.
Een Zwemmer Is Een Ruiter
Zwemmen is losbandig slapen in spartelend water,
is liefhebben met elke nog bruikbare porie,
is eindeloos vrij zijn en inwendig zegevieren.
En zwemmen is de eenzaamheid betasten met vingers,
is met armen en benen aloude geheimen vertellen
aan het altijd allesbegrijpende water.
Ik moet bekennen dat ik gek ben van water.
Want in het water adem ik water
word ik een schepper die zijn schepping omhelst,
en in het water kan men nooit geheel alleen zijn en toch nog eenzaam blijven.
Zwemmen is een beetje bijna heilig zijn.
Paul Snoek
Een Zwemmer Is Een Ruiter
Zwemmen is losbandig slapen in spartelend water,
is liefhebben met elke nog bruikbare porie,
is eindeloos vrij zijn en inwendig zegevieren.
En zwemmen is de eenzaamheid betasten met vingers,
is met armen en benen aloude geheimen vertellen
aan het altijd allesbegrijpende water.
Ik moet bekennen dat ik gek ben van water.
Want in het water adem ik water
word ik een schepper die zijn schepping omhelst,
en in het water kan men nooit geheel alleen zijn en toch nog eenzaam blijven.
Zwemmen is een beetje bijna heilig zijn.
Paul Snoek
vrijdag, januari 19, 2007
Jutten na Storm
Je kunt het ook niet overal. Aan de kant van de stad is het strand opgespoten en zit de stroming anders, daar spoelt zelden iets aan, maar hier op de oosteroever haal je je hart op.
Mijn vader doet het al zo lang ik me kan herinneren, maar sedert zijn pensioen gebeurt het met overgave en steeds meer kennis van zaken.Ikzelf kan ook het strand niet op zonder achteraf iets mee te hebben.
De prachtigste dingen liggen hier bij tijd en wijle gewoon voor het oprapen : afgesleten en mat geworden stukjes glas in poederkleuren, door het water en het zand geschuurde en gebleekte stukken hout, schelpen in alle maten en modellen.
Dat werden in de handen van mijn vader al naambordjes, onderzetters, windgongs, halskettingen.
Zit ik dus aan de koffie in mijn Ouderhuis en bedenk vol voorpret wat er wel niet allemaal te vinden zal zijn op "ons" strand, zegt pa ontgoocheld : "nog gin sulfer, de wient zat verkèrd"
En hij heeft weer eens gelijk!
zondag, januari 14, 2007
Veggie Shoes
Er is zo veel wat een meisje van 15 - bijna 16 ma! - wil, en als je dat in de koopjestijd aanschaft heb je meer voor hetzelfde geld, da's logisch!
Gisteren dus met Jongste naar de solden, het moest er van komen.
Mij een paar uur in de winkelende massa storten en pullekes, broeken, sjaals bekijken lukt me wel, als het maar geen wekelijkse kost is.
Gisteren bijgevolg eindelijk ook voor het eerst in een sportwinkel de fameuze "schoenen" in handen gehad die in verpleegmiddens een rage aan het worden zijn. Mij onder de aandacht gebracht door het Jong Geweld bij ons op dienst en sindsdien zie ik ze inderdaad overal. In de cafetaria tijdens de lunchpauze zijn ze prominent aanwezig aan voeten van elke leeftijd. Ze springen ook danig in het oog, met wel 20 verschillende zuurstokkleuren.
Ze zouden superlekker zitten en goed zijn voor én tegen vanalles door de nopjes aan de binnenkant en de gaten naar de buitenkant.
Ik deed ze aan m'n voeten en moet toegeven dat ze lekker zitten. Licht en luchtig als een marshmellow. Ik kan echter niet geloven dat je er geen ongelooflijke zweetvoeten in krijgt. Ze zijn van plastiek! En zo zien ze er ook héél overtuigend uit.
Nu heb ik niks tegen plastieken schoenen, in de zomer durf ik teensletsen dragen, en Teva's hebben ondertussen ook hun nut bewezen alhoewel ik er nooit gekocht heb. Maar waarom moeten die dingen zo schandalig duur zijn? Je moet er geen koe voor slachten en villen, er komt geen looien aan te pas, het model lijkt eerlijk gezegd nergens naar, en het is "made in China". Ze mogen dan geen leer bevatten, wie weet hoeveel kinderzweet of op zijn minst onderbetaalde-arbeiderszweet kleeft eraan?
Ik denk dat ik het bij mijn espadrilles hou, ook diervriendelijk.
Kreeg trouwens net foon van 10, ze kocht gisteren Crocs, in het roze.
Gisteren dus met Jongste naar de solden, het moest er van komen.
Mij een paar uur in de winkelende massa storten en pullekes, broeken, sjaals bekijken lukt me wel, als het maar geen wekelijkse kost is.
Gisteren bijgevolg eindelijk ook voor het eerst in een sportwinkel de fameuze "schoenen" in handen gehad die in verpleegmiddens een rage aan het worden zijn. Mij onder de aandacht gebracht door het Jong Geweld bij ons op dienst en sindsdien zie ik ze inderdaad overal. In de cafetaria tijdens de lunchpauze zijn ze prominent aanwezig aan voeten van elke leeftijd. Ze springen ook danig in het oog, met wel 20 verschillende zuurstokkleuren.
Ze zouden superlekker zitten en goed zijn voor én tegen vanalles door de nopjes aan de binnenkant en de gaten naar de buitenkant.
Ik deed ze aan m'n voeten en moet toegeven dat ze lekker zitten. Licht en luchtig als een marshmellow. Ik kan echter niet geloven dat je er geen ongelooflijke zweetvoeten in krijgt. Ze zijn van plastiek! En zo zien ze er ook héél overtuigend uit.
Nu heb ik niks tegen plastieken schoenen, in de zomer durf ik teensletsen dragen, en Teva's hebben ondertussen ook hun nut bewezen alhoewel ik er nooit gekocht heb. Maar waarom moeten die dingen zo schandalig duur zijn? Je moet er geen koe voor slachten en villen, er komt geen looien aan te pas, het model lijkt eerlijk gezegd nergens naar, en het is "made in China". Ze mogen dan geen leer bevatten, wie weet hoeveel kinderzweet of op zijn minst onderbetaalde-arbeiderszweet kleeft eraan?
Ik denk dat ik het bij mijn espadrilles hou, ook diervriendelijk.
Kreeg trouwens net foon van 10, ze kocht gisteren Crocs, in het roze.
donderdag, januari 11, 2007
De werken van warmhartigheid
Stanislas Deridder is 72. Een grote, lichamelijk gezonde, intelligente, alleenstaande man. Hij was zijn hele leven al een beetje een zonderling, deed van tijd tot tijd bizarre uitspraken tegen wie de moeite deed met hem te praten, maar zonderde zich meestal volkomen vrijwillig van iedereen af. Hij werkte zijn hele loopbaan in een kleine plaatselijke bibliotheek en leeft nu van een miniem pensioen.
Hij wordt bij ons voor opname gebracht door de politie omdat hij al dagenlang op straat rondhangt en een onsamenhangend verhaal opdist. Wanneer hij bij ons gebracht wordt is hij vervuild, vermoeid, extreem mager en verward.
We geven hem te eten en te drinken, hij krijgt een warm bad, we kleden hem en hij krijgt onderdak.
Stanislas charmeert ons met zijn hoofse manieren. Met zijn wandelstok lijkt hij wel een engelse gentleman, weggelopen uit een oude musical.
Beetje bij beetje wordt één en ander duidelijk.
Stanislas woonde tot aan hun sterven bij zijn ouders. Hij kon daar al die tijd zijn eigen excentrieke zelf zijn en bleef door hun aanwezigheid gespaard van ambetantigheden zoals belastingsaangiften, rekeningen, verzekeringen. Zijn vader stierf zeven jaar geleden. Zijn moeder was een kranig, vinnig vrouwtje dat drie jaar daarna overleed aan de gevolgen van een griep.
Voor de begrafenis was er nog hulp van de ondernemer, maar met al de rest moest Stanislas het zelf redden. Hij mist zijn ouders. Hij mist de boodschappenlijstjes, de verse soep, de gestreken hemden in de kast.
Maar merkte mettertijd dat het ook zonder ging en had er bijgevolg zelfs bijna geen erg in toen de electriciteit gerantsoeneerd werd wegens onbetaalde rekeningen.
De ongeopende post stapelde zich op in de gang, de keuken vulde zich met lege blikken en vuil serviesgoed.
De huisbaas hield het langst van al met hem uit, uit respect voor de ouders van Stanislas die 30 jaar lang onberispelijke huurders waren.
Tegen de tijd dat hij bij ons terechtkwam, was Stanislas ook zijn woonst kwijt, inboedel aangeslagen wegens meer dan 2 jaar onbetaalde huur.
Omdat het nodig is voor subsidies allerhande worden op een PAAZ alle mensen van een voorlopig etiket voorzien. Bij Stanislas plakt de dokter hem schizoïde persoonlijkheidsstoornis op. We merken algauw dat Stanislas functioneerde dankzij de regelmaat en routine van zijn job en zijn ouderlijk gezin. Nu deze twee weggevalllen zijn kan hij zelfstandig wonen waarschijnlijk niet aan, alhoewel hij dat zelf wél wil.
Enkele van onze opties : een beschutte woonvorm, een psychiatrisch ziekenhuis, een bejaardentehuis.
Ziet u hem komen?
Beschut wonen volzet.
Psychiatrisch ziekenhuis geweigerd wegens geen woonst (daar zijn ze immers ook bang om na de behandeling met de mensen geen kant uit te kunnen) .
Bejaardentehuis niet happig omdat Stanislas nog heel mobiel is en dus laag scoort voor subsidie; wachtlijst van minstens een jaar trouwens.
En daar sta je dan, met een man van 72, dakloos, en een ligdagduur die steeds lager moet. Iemand een idee? Want zo hebben we wel nog een paar klanten hoor.
PS : naam en omstandigheden werden aangepast om herkenning te vermijden.
Hij wordt bij ons voor opname gebracht door de politie omdat hij al dagenlang op straat rondhangt en een onsamenhangend verhaal opdist. Wanneer hij bij ons gebracht wordt is hij vervuild, vermoeid, extreem mager en verward.
We geven hem te eten en te drinken, hij krijgt een warm bad, we kleden hem en hij krijgt onderdak.
Stanislas charmeert ons met zijn hoofse manieren. Met zijn wandelstok lijkt hij wel een engelse gentleman, weggelopen uit een oude musical.
Beetje bij beetje wordt één en ander duidelijk.
Stanislas woonde tot aan hun sterven bij zijn ouders. Hij kon daar al die tijd zijn eigen excentrieke zelf zijn en bleef door hun aanwezigheid gespaard van ambetantigheden zoals belastingsaangiften, rekeningen, verzekeringen. Zijn vader stierf zeven jaar geleden. Zijn moeder was een kranig, vinnig vrouwtje dat drie jaar daarna overleed aan de gevolgen van een griep.
Voor de begrafenis was er nog hulp van de ondernemer, maar met al de rest moest Stanislas het zelf redden. Hij mist zijn ouders. Hij mist de boodschappenlijstjes, de verse soep, de gestreken hemden in de kast.
Maar merkte mettertijd dat het ook zonder ging en had er bijgevolg zelfs bijna geen erg in toen de electriciteit gerantsoeneerd werd wegens onbetaalde rekeningen.
De ongeopende post stapelde zich op in de gang, de keuken vulde zich met lege blikken en vuil serviesgoed.
De huisbaas hield het langst van al met hem uit, uit respect voor de ouders van Stanislas die 30 jaar lang onberispelijke huurders waren.
Tegen de tijd dat hij bij ons terechtkwam, was Stanislas ook zijn woonst kwijt, inboedel aangeslagen wegens meer dan 2 jaar onbetaalde huur.
Omdat het nodig is voor subsidies allerhande worden op een PAAZ alle mensen van een voorlopig etiket voorzien. Bij Stanislas plakt de dokter hem schizoïde persoonlijkheidsstoornis op. We merken algauw dat Stanislas functioneerde dankzij de regelmaat en routine van zijn job en zijn ouderlijk gezin. Nu deze twee weggevalllen zijn kan hij zelfstandig wonen waarschijnlijk niet aan, alhoewel hij dat zelf wél wil.
Enkele van onze opties : een beschutte woonvorm, een psychiatrisch ziekenhuis, een bejaardentehuis.
Ziet u hem komen?
Beschut wonen volzet.
Psychiatrisch ziekenhuis geweigerd wegens geen woonst (daar zijn ze immers ook bang om na de behandeling met de mensen geen kant uit te kunnen) .
Bejaardentehuis niet happig omdat Stanislas nog heel mobiel is en dus laag scoort voor subsidie; wachtlijst van minstens een jaar trouwens.
En daar sta je dan, met een man van 72, dakloos, en een ligdagduur die steeds lager moet. Iemand een idee? Want zo hebben we wel nog een paar klanten hoor.
PS : naam en omstandigheden werden aangepast om herkenning te vermijden.
Abonneren op:
Posts (Atom)


